Noodhulp Sri Lanka 2009
ZOA en Woord en Daad besluiten begin 2009 een noodhulp-actie op te zetten voor de burgers in het noorden van Sri Lanka. Het regeringsoffensief, met als inzet de uitschakeling van de tamil tijgers in het noorden van Sri Lanka, heeft grote stromen vluchtelingen op gang gebracht. In februari 2009 arriveerde een eerste grote groep van 35.000 mensen in de regio’s Vavuniya en Jaffna. Vanaf 19 april - het moment dat de regering haar slotoffensief inzette - ontstond een massale uittocht uit het gebied. Begin mei 2009 bereikte de oorlog een climax. Het oprukkende regeringsleger had de Tamil Tijgers teruggedrongen naar een zogenaamd veilige kuststrook van 12 vierkante kilometer. Een onbekend groot aantal burgers had hier hun toevlucht gezocht, maar kwam uiteindelijk midden in het oorlogsgeweld terecht. Een humanitaire ramp was het gevolg.
Op het hoogtepunt ontvluchtten in drie dagen tijd 100.000 mensen het oorlogsgebied. In de dagen en weken die volgden, nog eens 70.000 mensen. Zij kwamen terecht in overvolle vluchtelingenkampen net buiten het oorlogsgebied. Het totaal aantal vluchtelingen in de districten Vavuniya, Mannar en Jaffna en in de ziekenhuizen bedroeg eind mei 280.000. Bij aankomst waren velen ondervoed en getraumatiseerd en hadden niet veel meer dan de kleren die zij droegen. Onder hen veel kleine kinderen. In de kampen was dringend behoefte aan voedsel, kleding, onderdak en medicijnen. Vanwege de vermoedens van de overheid dat er zich tussen de mensen Tamilstrijders bevinden, mogen de mensen de kampen niet verlaten en zijn de mensen volledig aangewezen op de hulp die hen van buiten wordt aangereikt.
Hulp
De oorlog is inmiddels beëindigd. Toch is uw hulp nog steeds nodig. Veel mensen zitten nog in de kampen en zijn ontheemd, gewond en/of getraumatiseerd. Zij hebben hulp nodig om hun leven weer op te bouwen.

