Business Ambassadors Cambodja
[r]echt ondernemen in Cambodja
Tijdens het regime van de Rode Khmer zijn honderdduizenden Cambodjanen naar op de vlucht geslagen. ZOA-Vluchtelingenzorg werkt vanaf 1993 in Cambodja om de vluchtelingen die terugkeren te helpen bij een nieuw bestaan. Inmiddels is er een fase aangebroken waarin de mensen hun ontwikkeling steeds meer zelf ter hand nemen. Daarom richt ZOA zich de komende tijd vooral op het ontwikkelen en versterken van de capaciteit van gemeenschappen, lokale overheden en lokale partnerorganisaties. De projectgebieden kennen grote periodes van droogte, die voor veel problemen zorgen. ZOA bouwt onder meer irrigatiesystemen om de afhankelijkheid van regen te verminderen. Bekijk de folder.
Actualiteiten
Reisverslag januari 2010
Cambodja-team bezoekt lopende projecten
In januari gingen zeven ZBA-leden op bezoek in Cambodja. Ze bezochten projecten die ze de afgelopen jaren hebben opgestart, en oriënteerden zich alweer op nieuwe plannen. Wat gebeurt er nou precies op zo’n reis? Dat leest u in het verslag van Kees Leeflang.
"Zondag 10 januari: de kerk
Een van de hoogtepunten van de reis is de hernieuwde kennismaking met een christelijke huisgemeente in Siem Reap. Vorig jaar kwam de kleine gemeente nog bij elkaar in een huis, dit jaar ontmoeten we elkaar in een kerk. De gemeente was behoorlijk gegroeid. Er waren ongeveer dertig kinderen aanwezig; de zondagsschoolkinderen en de jeugdgroep zongen liederen voor ons.
Maandag 11 januari: een school en twee coöperaties
We vertrokken ’s morgens vroeg naar het dorp Tomnub Akpiwat. Vorig jaar moesten de kinderen nog vijf kilometer lopen naar school, nu is er een met de steun van twee donateurs van ZOA een school gebouwd. Hij is nog in aanbouw, over een maand is de school met vier klassen klaar. Er waren voldoende middelen om de kinderen te laten leren en het terrein voor de school te egaliseren.
Na de lunch bezochten we de O´Svay Farmers Coöperatie. Vorig jaar bezochten we hen ook. De coöperatie heeft goede financiële resultaten bereikt, maar kampt ook nog met de nodige problemen. Ze gaven een uitgebreide presentatie over de bereikte doelen van 2009 en de doelstellingen voor 2010. Daarna kwamen de wensen op tafel; een managementtraining, aanschaf van een rijstmolen en een vrachtauto en een tractor. Deze coöperatie kan zichzelf behoorlijk goed onderhouden, er is geen sprake meer van echte nood.
Daarna bezochten we een geheel nieuwe coöperatie, de Thlat Farmers Coöperatie. Opvallend was dat zij zeer veel verschillende zaken willen gaan oppakken. Naast de cooperatie werd een zijdefabriek gebouwd.
Wellicht is het een optie om een tractor of vrachtwagen gezamenlijk met de O’Svay Cooperatie aan te schaffen. Ze liggen niet zo ver bij elkaar vandaan.
Dinsdag 12 januari: een nieuw dorpVandaag gingen we een nieuw gebied in. Na geruime tijd te hebben gehobbeld over zanderige wegen kwamen we in een dorp met de naam Por Thi Vong. Dit dorp stond nog niet op de kaart, bestaat ook nog niet zo lang (ongeveer drie jaar), maar er wonen 382 gezinnen met in totaal 1643 personen. Het was direct duidelijk dat dit een arm gebied was. Er waren geen akkers zichtbaar bij de huisjes, er waren veel vrouwen en kinderen en maar weinig mannen.
Dorpsoudste Kim Sa Long vertelt ons dat het stukje grond niet voldoende is om van te leven, zodat veel mannen zich buiten het dorp, vaak in Thailand, verhuren. Op het land wordt alleen rijst geproduceerd, hoewel de grond ook goed geschikt is voor suiker, sesam en pinda’s. Veel van de inwoners hebben maar weinig agrarische kennis. Ook de watervoorziening is slecht.
We willen graag dat er wat plannen gemaakt worden; het bouwen van een modelfarm en de overdracht van kennis is hier belangrijk om er voor te zorgen dat men ook op langere termijn in staat is om in het eigen levensonderhoud te voorzien.
Woensdag 13 januari: de derde coöperatie en de verbeterde situatie van de boerenVandaag bezochten we de coöperatie in Kok Mon. De opslagruimte lag wat voller dan de vorige keer, het hek bij de weg was klaar. De resultaten van de coöperatie vielen wat tegen. Ze hoopten dat ze meer geld konden verdienen door de rijst wat langer op te slaan, maar er werd minder verdiend doordat de kwaliteit van de rijst naar beneden ging. We hebben onze zorgen geuit over de financiële situatie van de coöperatie. Afgesproken werd om de coöperatie te adviseren hoe zij hun financiële rapportage konden verbeteren, waardoor meer inzicht ontstaat in kosten en opbrengsten.
We rijden vervolgens door via de dam naar de modelfarm. De nieuw geconstrueerde brug ziet er erg degelijk en betrouwbaar uit. Het water staat links wat hoger dan tijdens ons vorige bezoek. Aan de rechterkant wordt meer rijst verbouwd tijdens de tweede teelt dan vorig jaar.
In de middag bezochten we nog enkele boeren in de omgeving. Naast het zichtbaar verbeteren van de huizen konden we ook bij enkele boeren constateren dat ze meer bezaten dan een tweetal jaren geleden. De nulmeting konden we naast de huidige hoeveelheid varkens en eenden houden.
Donderdag 14 januari; de Killing Fields
De reis per auto van Samrong via Siem Reap naar Phnom Pen duurt een uur of zes. In de hoofdstad bezoeken we onder andere het genocidemuseum (S21) en de Killing Fields. Geen aangename ervaring, maar wel goed om te hebben meegemaakt, aangezien vele Cambodjanen tot op de dag van vandaag vaders, moeders, opa’s, oma’s en andere familieleden missen.
Terugblik
De meeste doelen van onze reis zijn gehaald, al hadden we in het nieuwe dorp ook graag met wat boeren gesproken. Wat onderbelicht is mogelijk de vergelijking tussen drie verschillende coöperaties die we nu kennen. Wat gaat goed en wat kan er beter? Als we in een nieuw dorp willen starten, is dat wel van belang.
Tot slot: Prea Ang protien po (Gods zegen toegewenst)!!"
Oktober 2009
ZOA is druk doende de activiteiten in Cambodja over te dragen aan lokale organisaties. Het plan is om het programma in 2011 geheel af te sluiten. Wat betekent dit voor het ZBA-team Cambodja? Kees Leeflang vertelt dat het team heeft besloten niet zelfstandig verder te gaan. Vooralsnog blijven ze de lopende projecten volgen, en bekijken ze of er kleinere projecten met een niet al te lange looptijd kunnen worden gestart. De uitdaging daarbij is om juist gebieden te bereiken die tot op heden nog niet bereikt zijn. Bovendien vraagt ook de overdracht de nodige aandacht; de bedoeling is natuurlijk dat de verbeteringen blijven bestaan.
Ondertussen denken ze ook na over de toekomst van hun team na 2011, waarbij ze de blik vooral op Myanmar richten. Leeflang: "Het zijn vooral ideeën, nog niet echt concreet. Myanmar is een moeilijk toegankelijk gebied. Wellicht kunnen we een bezoek aan Cambodja een keer combineren met een bezoek aan Myanmar."
Bouwen aan een dam
Sinds 2006 hebben Nederlandse ondernemers zich verbonden aan een aantal ZOA-projecten in Cambodja. Hans Rosenbrand, mede-eigenaar van handelsfirma Magistor: “We zijn begonnen met het bouwen van een grote dam, die het regenwater uit de bergen opvangt. Daardoor hebben de omliggende dorpen nu het hele jaar door de beschikking over water. De welvaart van de boeren is daardoor enorm toegenomen.” De ondernemers hebben ook geadviseerd bij de oprichting van een coöperatie, naar Nederlands voorbeeld. De coöperatie koopt de rijst van de boeren en slaat ze vervolgens op, om ze op een later moment tegen een betere prijs te verkopen. De winst vloeit terug naar de boeren. Deze coöperatie heeft inmiddels zo'n tweehonderd leden. De Cambodjaanse boer Bun Mang heeft zijn inkomen hierdoor drastisch zien stijgen. “Ik ben nu veel beter in staat om mijn gezin te onderhouden. En door deze dam hoef ik niet bang meer te zijn voor droogte.”
|
|

