Ik had geluk. Ik had ongeluk

– Een kinderverhaaltje door Katrien Ruitenburg –


Ik had geluk. Veel mensen zijn doodgegaan in de oorlog. Ik leef nog.

Ik had ongeluk. Ik kon niet in mijn huis blijven, maar moest wegrennen. De buurvrouw pakte mijn hand en sleepte me mee. We konden niets meenemen. Onderweg hadden we bijna niets te eten. We sliepen op de grond. Mijn kleren werden heel erg vies en mijn schoenen gingen kapot. Toen ik op blote voeten liep, ben ik op een scherpe steen gestapt. Het bloedde ’s avonds nog en toen heeft de buurvrouw gezegd dat ik mijn hemd uit moest doen. Dat heeft ze om mijn voet geknoopt.  Steeds hoorden we schieten. Er waren nog veel meer mensen op de vlucht. We liepen met  grote stroom mee, allemaal dezelfde kant op. Iemand wist blijkbaar dat dat de goede kant was.

Ik had geluk. Ik heb mijn vader weer gevonden! We waren zo blij dat we elkaar weer zagen. En ik vond iets onder in de zak van mijn broek. Een mooi steentje dat ik opgeraapt had bij de rivier. Papa hoorde over een vluchtelingenkamp over de grens. Toen we al dagen gelopen hadden, mochten we een stuk meerijden met een vrachtauto. Dat kostte wel veel geld. Buiten het kamp moesten we nog een paar dagen wachten, maar toen mochten we erin. Er was daar ook een school en daar ga ik nu iedere dag naar toe, ook al is het niet verplicht.

Ik heb ongeluk. Ik mis mijn vorige school heel erg. Die hebben de soldaten in brand gestoken. Soms droom ik daarvan. Ik mis de kinderen in mijn klas. En mijn mama. Die mis ik echt héél erg. Waar is ze? Ik hoop dat ze niet dood is. En dat ik haar terugzie.

Ik heb geluk. In het kamp zijn mensen die ons helpen. Er was een dokter en die heeft een echt verband om mijn voet gedaan. Ik kreeg een deken, en nu heb ik het niet meer zo koud ’s nachts. Eerst had ik heel vaak honger, maar op school krijg ik iedere dag eten. Ook kinderen die het vroeger helemaal niet leuk vonden om naar school te gaan, komen iedere dag. Voor het eten.

Ik heb ongeluk. Op school in het kamp was er een wedstrijd. Ik wilde heel graag winnen. De prijs was een lamp die licht geeft in het donker als je hem overdag in de zon hangt. Maar weet je wie er gewonnen heeft? Mijn vriendje, en die was waar hij vandaan komt nog nooit naar school geweest.

Ik heb geluk. Mijn vriend kan nog niet lezen, en ik wel. Ik geef hem iedere dag een lepel van mijn eten, en daarom mag ik zijn lamp gebruiken. Nu kan ik ’s avonds huiswerk maken. Ik wil blijven leren, en natuurlijk terug naar huis. En daar wonen met papa en mama. Dat is pas écht geluk.

Katrien Ruitenburg (1963) is freelance journaliste. Gerechtigheid heeft haar hart. Ze is bezig met het schrijven van een kinderboek over kinderen in slavernij: Kind te koop, uitgeverij Buijten & Schipperheijn.


Heb jij dit verhaal gelezen of gehoord, en wil jij nu ook iets doen voor de kinderen die op de vlucht zijn? Dat kan! Verzin een leuke actie, bijvoorbeeld taartenbakken of auto’s wassen. Laat iedereen in jouw omgeving weten dat jij in actie komt! Hang daarvoor de ZOA Poster op. Print de ZOA Actiepot kleur ‘m in en zet de actiepot in elkaar. Nu kun je in actie komen en geld ophalen. Heel veel succes!