Etnische spanningen in Sri Lanka na aanslagen opgelopen

Na de paaszondagaanslagen is de situatie in Sri Lanka grimmig. De noodtoestand is uitgeroepen en bedreigingen richting de moslimgemeenschap nemen toe. In de stad Negombo verleent ZOA momenteel noodhulp aan moslimvluchtelingen die gevlucht zijn naar twee moskeeën en een politiebureau.

21 april, paaszondag. Sri Lanka wordt opgeschrikt door aanslagen. In korte tijd exploderen er bommen in drie kerken en drie hotels. Volgens officiële cijfers vallen er 359 doden en meer dan 500 gewonden. Volgens de regering zijn de aanslagen gepleegd door de islamitische terreurgroep National Thowheeth Jama’ath. De aanslag is opgeëist door de Islamitische Staat (IS). Na deze terroristische aanslagen bereiken etnische spanningen in het land een hoogtepunt. De regering riep niet alleen de noodtoestand uit, maar stelde ook een verbod op gezichtsbedekkende kleding in. Internationaal is het reisadvies naar Sri Lanka aangepast door toegenomen veiligheidsrisico’s. Moslims vrezen voor tegenaanvallen, en niet zonder reden. In de afgelopen maanden namen bedreigingen richting moslims toe, werden moskeeën en winkels in brand gestoken, kwam er een boycot op bedrijven in handen van moslims, en moesten sommige moslims hun huis verlaten.

De angst van islamitische vluchtelingen in Sri Lanka

Een reportage van Deutsche Welle (Engels)

Geschiedenis van geweld

Geweld en discriminatie tegen moslims in Sri Lanka is niet nieuw. Sri Lanka kent een lange geschiedenis van etnisch geweld. De moslimgemeenschap (9% van de totale bevolking) wordt geconfronteerd met geweld van de twee andere grote etnische groepen in het land: Sinhalese (75% van de bevolking, boeddhistisch) en Tamils ​​(11% van de bevolking, christen en hindoe). Zo werden in 1990 alle moslims verdreven uit de noordelijke provincie van het land, waar de Tamiltijgers vochten voor onafhankelijkheid. Extremistische boeddhistische groeperingen pleegden in het verleden gewelddadige aanslagen tegen de moslimpopulatie. Religieuze groepen als christenen en moslims worden als aparte etniciteit gezien in Sri Lanka. De laatste jaren neemt het nationalistische sentiment toe in het land, en zijn er steeds meer spanningen tussen Singalezen en moslims.

Moslimvluchtelingen opnieuw gevlucht

Een gemeenschap die zwaar getroffen is na de paaszondagaanslagen zijn de moslimvluchtelingen, voornamelijk uit Pakistan en Afghanistan. In Negombo, waar een van de bombardementen plaatsvond in een katholieke kerk, kreeg de vluchtelingenpopulatie te maken met toegenomen vijandigheid van de lokale gemeenschap. De meesten van hen zochten hun toevlucht in twee moskeeën en een politiebureau in Negombo. Op deze drie plekken verleent ZOA momenteel noodhulp. ZOA biedt, in samenwerking met andere hulpverleningsorganisaties, voedsel, water en sanitaire voorzieningen, en voorziet in kleding en medicijnen. Hoewel de situatie nu langzaam stabiliseert, is het de vraag of deze groep kan terugkeren naar hun (tijdelijk) onderkomen in de stad. Huiseigenaren en de lokale bevolking zullen hen niet met open armen ontvangen.

Noodhulp ZOA

Voor de aanslagen was ZOA al actief in Negombo. ZOA coördineert een vluchtelingencentrum in deze stad, waar we onderwijsprojecten aanbieden aan vluchtelingen. Dit project wordt gefinancierd door UNCHR. Ook startte ZOA een school voor kinderen van asielzoekers. Uit veiligheidsoverwegingen sloot ZOA na de paaszondagaanslagen het centrum en de school, en moesten ZOA-medewerkers het kantoorpand verlaten. Het team vond tijdelijk onderdak bij een andere ngo in de stad. Het werk in Negombo is een uitzonderlijk project voor ZOA in Sri Lanka, waar het werk geconcentreerd is in het noorden. ZOA is sinds 1995 actief in Sri Lanka, waar toen een burgeroorlog woedde. Wij helpen in het noorden bij het herstel van infrastructuur, onderwijs en de economie. Deze projecten zijn in afrondende fase. De situatie in dit gebied is na de aanslagen vooralsnog stabiel.