Veerkracht

Column van Petra Butler – moeder van twee zoons, psycholoog en journalist
****

Roy (5) is met zijn ouders gevlucht voor de oorlog. Ik ontmoet hem en zijn moeder bij hen op de koffie. Aanvankelijk is hij verlegen, maar gaandeweg ontdooit hij. Ik mag zelfs meekijken in een prentenboek met dierenplaatjes.

In het Engels vraag ik hem: ‘Wil je mij wat Arabische woorden leren?’ Zijn moeder vertaalt. Ja hoor, dat wil hij. Hij wijst dieren aan in zijn boekje en benoemt ze. Ik zeg alles na en Roy giechelt achter zijn hand om mijn rare uitspraak. Na een tijdje verschijnt er een ondeugend vonkje in zijn ogen. Hij noemt een woord zonder iets aan te wijzen. Als ik het nazeg, schatert hij het uit. Ik zeg het prompt nog vijf keer – en hij kukelt al lachend bijna van zijn stoel.

Zijn moeder was koffie halen en komt verbaasd terug. Ze vraagt iets in rap Arabisch. Roy vestigt grote, schuldbewuste ogen op haar en zegt niets. Ikzelf daarentegen gooi er trots mijn zonet geleerde Arabische woord uit. Moeder schrikt en kijkt spiedend rond of iemand het heeft opgevangen. Daarna krijgt zoon in nog rapper Arabisch te horen wat ze van zijn taallessen denkt. Duidelijk niet veel goeds. Hij staart bedremmeld omlaag.

Jammer. Ik vond dat vrolijke koppie zo mooi. Ze hebben veel meegemaakt. Zijn thuis moest hij achterlaten, evenals zijn vriendjes. Zijn opa’s en oma’s waren niet in staat om te vluchten. Toch kan hij plezier maken. Dit mannetje heeft veerkracht.

Ik gun hem en alle kinderen die gevlucht zijn zo een veilige plek"

Hopelijk geldt dat laatste voor veel van de 35 miljoen kinderen die wereldwijd op de vlucht zijn. Getraumatiseerd, ontworteld door oorlog, natuurrampen, hongersnood. Duizenden van hen zullen de vijf niet eens halen. En de overlevenden willen het liefst zo snel mogelijk terug naar huis –  iets waarvoor ZOA zich inzet door hulpverlening in de regio en medewerking aan vredesopbouw.

‘Wat zei hij nou?’, vraag ik moeder. Ze klemt haar lippen beschaamd op elkaar.
‘Misschien ‘poep?’, vraag ik. Roy is vijf, op die leeftijd is dat het toppunt van humor.
Gegeneerd kijkt ze op: ‘Yes…’ Ik grinnik en zeg dat ik blij ben dat hij ondanks alles nog kan lachen. Ze knikt.

Bij het afscheid fluister ik nog één keer Roys favoriete woord. Hij gluurt voorzichtig naar zijn moeder. Als zij besmuikt glimlacht, proest hij het uit. Ik gun hem en alle andere kinderen die gevlucht zijn zo dat ze in een veilige omgeving kunnen opgroeien. Een plek waar ze weer pret kunnen hebben, met vriendjes van hun eigen leeftijd…


Kinderen verdienen een plek waar ze kind kunnen zijn. Samen met jou zorgt ZOA voor een veilige slaapplaats, onderwijs, voedzame maaltijden en een plek om te spelen. Met een gift van
54,- bieden we bijvoorbeeld een kind onderwijs en professionele hulp om trauma’s te verwerken. Help jij ook mee?

  • Bedrag

  • Dit veld is voor validatie doeleinden en moet ongewijzigd blijven.

(Om veiligheidsredenen is Roy niet de echte naam van de jongen in de column; hij staat ook niet op de foto)