Wij kunnen zorgen voor mensen in nood

Esther Grisnich werkt nu een aantal maanden als landendirecteur in Irak. Ze is gepassioneerd in haar werk en zet zich vol overgave in voor de projecten van ZOA. Wij stellen haar een aantal vragen over de situatie in Irak, een land dat zo gebroken is. 

Waarom is ZOA begonnen met projecten in Irak?
ZOA is in Irak begonnen als onderdeel van de grotere hulpverlening aan het Midden-Oosten op het moment dat er grote stromen vluchtelingen uit Syrië op gang kwamen die in de regio zelf in vluchtelingenkampen hun toevlucht zochten. Toen door de instabiele situatie IS opkwam en een kalifaat uitriep breidde ZOA’s hulpverlening zich uit naar een eigen programma voor de hulpverlening aan vluchtelingen in Irak.

Hoe was de situatie in Irak voordat ZOA er begon met projecten?
Ik denk dat Irak al decennialang een instabiel land is geweest. Sterke leiders en dictators zoals Saddam Hussein hebben geprobeerd het land bij elkaar te houden, wat ten koste ging van de rechten van minderheden. Door oliebronnen is Irak een heel rijk land en dat zie je ook. De steden zijn groots en prachtig. Daar wonen de mensen die het meest van de rijkdom hebben kunnen profiteren, maar het platteland is heel erg achtergesteld. De verschillen tussen arm en rijk zijn enorm. In de stad wonen mensen in paleizen in een rijkdom die wij niet kennen. In de arme wijken wonen mensen in krotten, en op het platteland nog in huizen met stenen van stro en rivierklei.

Wat is er in de loop van de tijd veranderd?
De inval van Amerika in 2003, om Saddam Hussein en zijn regering omver te werpen, heeft alles veranderd. Heel veel mensen werkten voor zijn overheid en het leger, die kwamen van de een op de andere dag op straat te staan. Uit frustratie hebben velen van hen zich bij burgermilities aangesloten. Zo is het land in een situatie geraakt van gevechten om macht. Eigenlijk worden grote wereldconflicten hier in Irak uitgevochten, helaas ten koste van de gewone mensen, die ook liever vrede en stabiliteit willen.

jongen irak

Waar loopt ZOA tegenaan bij het implementeren van de projecten?
We lopen vooral aan tegen de instabiele politieke situatie. We worden belemmerd door afstand in dit immens grote land, maar ook door checkpoints van de vele verschillende groepen, die ieder weer vragen om andere toegangspapieren. De overheid is heel corrupt en religie, taal en afkomst spelen een grote rol. Daarbij hebben eigenlijk alle mensen hier vreselijke dingen moeten meemaken onder ISIS of zijn ze als minderheid, maar soms juist ook als meerderheid gediscrimineerd. Dat heeft ertoe geleid dat mensen heel achterdochtig zijn geworden. Vertrouwen winnen duurt lang, en om de juiste mensen te vinden om het werk uit te kunnen voeren is lastig.

Hoe zien de projecten van ZOA in Irak eruit?
We doen veel projecten waarbij we helpen om mensen weer onafhankelijk te maken om zelf een inkomen te verdienen. Veelal zijn dat mensen die nog steeds niet terug kunnen keren naar hun plaats of land van herkomst, maar ook de mensen die juist wel terugkeren naar hun verwoestte en verwaarloosde dorpen. We creëren werk om de dorpen waarnaar de mensen weer terugkeren op te schonen, en weer leefbaar te maken. Zo repareert de groep irrigatiekanalen voor de landbouw, of maken ze een waterput schoon, knappen we de lokale school op enz. In ruil daarvoor krijgen de werkers een salaris. Later helpen we de werkers om zelf kleine bedrijfjes te beginnen, of als ze boer zijn om hun land te verbouwen. De armste families krijgen ook wat kleinvee.

In de steden zoals in Mosul focussen we meer op het verlenen van traumazorg aan kinderen, vrouwen en sinds kort ook aan vaders. In de verschrikkelijk gebroken oude stad van Mosul, maar ook in de kwetsbare buitenwijken hebben we verschillende buurtcentra waar kinderen en jongeren worden opgevangen. Kinderen krijgen hulp bij het verwerken van de traumatische dingen die ze meegemaakt hebben, jongeren krijgen ook hulp bij het inhalen van de verloren schooljaren. Ook geven we in de centra lessen over ‘Community Peace building’ en hebben afgelopen maanden 660 docenten een cursus gekregen over het omgaan en herkennen van extremisme bij kinderen en in gezinnen. Een succesvol project, wat we graag verder willen uitbreiden over heel Irak.

Wat is jouw wens voor het land?
Irak heeft zo’n jonge bevolking en vanuit een positief perspectief een enorm potentieel. Het land heeft veel mogelijkheden, de locatie als een schakelpunt tussen het verre oosten, Afrika en Europa. Maar het kan ieder moment misgaan en kan het extremisme groeien. Ik hoop heel erg dat we hier liefde en hoop kunnen uitdragen. Dat we hier zorgen voor onze naaste in nood, en werken aan de achterliggende oorzaken van de grote problemen. Dat kunnen we niet alleen, maar samen met andere NGO’s, internationale organisaties, ambassades, en door het betrekken van de private sector en de Irakese overheid, geloof ik dat we verandering kunnen brengen!

irak banner verwoeste straat