ZOA start project voor mannen van Mosul

Na de afgelopen jaren 12.000 kinderen in Mosul te hebben geholpen, gaat ZOA Irak zich nu ook op getraumatiseerde mannen richten.


Vlieg, vlieg, lief vogeltje
Ik ben net als jij, mooi en klein
Ik ren door de bloemenvelden
En gooi steentjes in het water
Ik doe een bloemetje in mijn haar
Vlieg, vlieg, lief vogeltje

Met een stralende glimlach bewegen lachende jongens en meiden zingend door een gezellige ruimte vol knutselwerkjes. Juf Iman staat stralend voor de groep, haar armen in de lucht. Wie op een willekeurige morgen een van ZOA’s community centers binnenloopt, ervaart een schril contrast met de treurige, kleurloze straten van buiten. En dat is precies de bedoeling: sinds maart 2017 heeft ZOA in acht verschillende centra in Oost- en West-Mosul meer dan 12.000 kinderen en 6000 volwassen vrouwen een veilige haven willen bieden. Tijdens interactieve, speelse lessen leren getraumatiseerde kinderen om te gaan met de monsters die ze de afgelopen jaren, tijdens de bezetting van IS, tegenkwamen. Hun moeders leren op hun beurt hoe ze hun eigen trauma’s verwerken en die van hun kinderen kunnen verzachten.

Agressief gedrag

Terwijl duizenden vrouwen en kinderen in Mosul de afgelopen jaren weer hoop kregen op een mooie toekomst, bleven de mannen van Mosul in vrijwel alle hulpprojecten die zich richten op traumaverwerking buiten schot. Regelmatig kreeg projectcoördinator Eva van Iwaarden dan ook van moeders te horen dat de safe spaces weliswaar een veilige plek waren, maar dat de sfeer in de centra een groot contrast vormden met de situatie thuis. “Vrouwen gaven aan dat zij leerden hoe ze hun kind konden helpen, maar dat er thuis vaak een depressieve man op de bank zat waar niemand naar om keek. Het is voor mannen vaak erg moeilijk om in Mosul werk te vinden en geld te verdienen om het gezin te onderhouden. Voor veel mannen voelt het als falen dat ze niet in staat zijn hun kinderen eten te geven. Dit uit zich dus veelvuldig in depressief of zelfs agressief gedrag, dat afgereageerd wordt op de vrouwen of kinderen.”

Met die kinderen zelf is het best lastig om over die problematiek te spreken, merken Eva en de psychologen van de centra. “Je merkt tijdens sessies vaak dat de situatie thuis moeilijk is. Voor veel vaders is het ingewikkeld om de traditionele vaderrol op een goede manier te vervullen en hun kinderen aandacht te geven of te helpen met huiswerk. Daarnaast zijn er veel kinderen die geen vader meer hebben, omdat die als IS’er in de gevangenis zit of is omgekomen.” Tegelijkertijd is het niet allemaal negatief, volgens Eva.  “We zien hier ook veel families die terugkeren uit kampen in de omgeving en proberen hun leven in Mosul weer optimistisch en vol vertrouwen op te bouwen. Maar de verschillende verhalen van al die verschillende kinderen maken ons voorzichtig om het over vaders en moeders te hebben. Vaderdag en Moederdag vieren we dan ook bewust niet, om geen trauma’s boven te halen.”

Kinderen in de safe space in Mosul

Andere aanpak

Het verwerken van trauma’s bij kinderen vraagt veel geduld en tact. Met traumaverwerking bij mannen is dat niet veel anders, aldus Eva. “Vertel een vrouw dat ze om tien uur ‘s morgens welkom is om thee te komen drinken met andere vrouwen en je hebt zo een handvol vrouwen in je centrum. Zeg dit tegen een man en er komt niemand. Overdag zijn mannen sowieso liever op de markt om wat geld te verdienen, of op zoek naar een baan.” Dat vraagt dus om een andere aanpak. “Het plan is nu om oudere, wijze mannen, die door de buurt gerespecteerd worden, uit te nodigen om hun kennis te komen delen met jongere mannen. Mosul is een stad met een grote universiteit waar veel kennis aanwezig is die nu te weinig gedeeld wordt. We merken dat er – vooral ook bij tieners en jonge mannen – interesse is om naar mannen met levenservaring te komen luisteren. We willen dus eerst een platform bieden voor informele kennisoverdracht. Als de mannen eenmaal aan het centrum gewend zijn, zullen we meer focussen op traumaverwerking.”

Daarnaast wil het 16-koppige ZOA-team in Irak ook gerespecteerde leiders in de gemeenschap ondersteunen en opleiden om getraumatiseerde mensen in hun omgeving professioneel te kunnen helpen. “Je ziet dat Irakese mannen het moeilijk vinden om over de traumatische gebeurtenissen van de laatste jaren te praten. In de uitzendingen van EO Metterdaad kwam Fuad aan het woord, die uitgebreid vertelde over het verschrikkelijke leed dat hem overkwam. Normaal zijn mannen niet zo open, merken we. Zodra twee mannen een gesprek voeren en een van hen begint te huilen, steken ze een sigaret op en is het gesprek voorbij. Zodra een gesprek kwetsbaar is, hebben mannen hier de neiging om hun mond te houden. Daar komt bij dat mannen zich dus ook verplicht voelen om het inkomen te verzorgen, waardoor ze maar door blijven rennen en geen tijd hebben stil te staan bij hun verdriet. Dat is anders bij vrouwen; die zitten toch vaker thuis en hebben dan tussen de bedrijven door vaker tijd om even stil te staan bij hun verdriet. Als je altijd maar bezig blijft, heb je die tijd niet. Dat is een groot gevaar voor deze samenleving: hoe vergaat het de getraumatiseerde mannen van Mosul over een paar jaar als wij nu niets doen?”

Terwijl IS in de stad haar laatste stuiptrekkingen maakte, opende ZOA in maart 2017 haar eerste drie safe spaces in Mosul. Doel van deze centra was om vrouwen en kinderen een sprankje hoop te geven en ze de trauma’s van de afgelopen jaren te leren verwerken. De afgelopen twee jaar openden we acht van zulke centra, in zowel het oosten en het westen van de stad. Omdat de nood in Mosul ook in 2019 nog erg groot is, willen we dit jaar een doorstart maken. De naam safe space verandert in community center en ook het doel van de centra verandert: niet alleen vrouwen en kinderen maar ook mannen moeten psychosociale hulp gaan krijgen.

  • 1000 kinderen en volwassen krijgen psychosociale steun
  • 600 kinderen leren lezen en rekenen, 300 jongeren krijgen een life skills training.
  • 600 gemeenschapsleiders worden getraind om 9000 inwoners van Mosul psychisch te kunnen bijstaan.
  • We willen 1600 mensen bereiken door lezingen op het gebied van mensenrechten
  • 480 mensen worden bijgestaan met juridische hulp en advies.

Tekst Jilke Tanis // Fotografie ZOA Irak