Overslaan en naar de inhoud gaan
Een vrouw in Nepal wordt geïnterviewd door NOS

Opinie: de ramp in Nepal verdient alle aandacht die het krijgt, en toch wringt er iets

Terwijl de aandacht voor de natuurramp in Nepal aanzwelt, denkt ZOA-woordvoerder KlaasJan Baas aan de jarenlange crisis in Zuid-Sudan. Beelden daarvan halen meestal niet de journaals. Waarom raakt Nepal ons meer dan Zuid-Sudan?

Sinds de ramp in Nepal staat mijn telefoon roodgloeiend. Het NOS Journaal komt filmen op ons kantoor in Apeldoorn. Radio, kranten en talkshows willen weten hoe ZOA hulp biedt na de verwoestende modderstromen. Kerken organiseren collectes, giften stromen binnen, mensen bieden concrete hulp aan.

Die betrokkenheid is hartverwarmend en hard nodig. Achter ieder nieuwsbericht schuilen mensen die alles zijn kwijtgeraakt en voor wie snelle hulp van levensbelang is.

En toch wringt er iets.

Een crisis die zich al jaren voltrekt

Misschien komt dat door mijn achtergrond als journalist. De nieuwsgierigheid naar hoe nieuws ontstaat en waarom sommige verhalen groot worden terwijl andere nauwelijks zichtbaar zijn, ben ik nooit kwijtgeraakt.

Terwijl de aandacht voor Nepal aanzwelt, denk ik aan Zuid-Sudan. Juist vorige week startte ZOA een campagne. Niet vanwege een plotselinge natuurramp, maar vanwege een crisis die zich al jaren voltrekt. Miljoenen mensen leven er op de vlucht voor geweld, honger en overstromingen. 

Een vrouw in Zuid-Sudan

Gezinnen staan voor een onmogelijke keuze: blijven in een vluchtelingenkamp waar het voedsel opraakt of terugkeren naar gebieden waar gewapende groepen actief zijn. Daarom deze campagne: Honger of je leven.

Niet voor niets staat Zuid-Sudan bovenaan de Vergeten Lijst, het jaarlijkse overzicht van ZOA van grote humanitaire crises die nauwelijks aandacht krijgen in Nederlandse media. De ironie wil dat die lijst zichzelf juist nu opnieuw bewijst.

Waarom blijven sommige crises hangen en verdwijnen andere uit beeld?

Afgelopen zaterdag stonden Nepal en Zuid-Sudan letterlijk in dezelfde krant. Op de nieuws- en voorpagina’s domineerde terecht de ramp in Nepal. Verderop stond een ingekochte column (als advertentie, red.) van mijn collega Liselotte Mikkers over haar bezoek aan Zuid-Sudan. Twee vormen van leed, naast elkaar afgedrukt. Het ene zichtbaar en urgent in ons collectieve bewustzijn, het andere grotendeels onzichtbaar.

De ramp in Nepal

Een deel van het antwoord ligt voor de hand. De beelden uit Nepal zijn aangrijpend en onvoorstelbaar. Ze branden zich op ons netvlies. Bovendien roept Nepal bij veel mensen herkenning op: de Himalaya, verre reizen, bergbeklimmers.

Zuid-Sudan heeft die herkenbaarheid niet. Geen schokkend moment dat de wereld stilzet. Alleen de dagelijkse werkelijkheid van oorlog, honger en onzekerheid.

Nepal krijgt een enorme respons terwijl de campagne voor Zuid-Sudan ondersneeuwt.

Niet alleen media, ook hulporganisaties bewegen zich binnen dezelfde aandachtseconomie. Wij weten dat een zichtbare ramp vaak meer betrokkenheid oproept dan een crisis die al jaren voortduurt. Ook nu weer: Nepal krijgt een enorme respons terwijl de campagne voor Zuid-Sudan ondersneeuwt.

Dat komt niet door onverschilligheid, maar omdat mensen reageren op wat ze zien.

Dat is wat deze kwestie zo ongemakkelijk maakt. De vraag is niet of aandacht eerlijk verdeeld moet worden. Nieuws is geen boekhouding van menselijk leed. De ene gebeurtenis grijpt ons nu eenmaal sterker aan dan de andere en geen enkele redactie kan alle nood in de wereld dezelfde plaats geven.

Oorspronkelijke publicatie: Nederlands Dagblad

Doneer en help mensen in nood op eigen benen te staan